De vraag naar overtochtruimte uit Nederlands-Indië/Indonesië naar Nederland na de Japanse bezetting en het uitroepen van de Republiek Indonesia was groot. Vele jongeren probeerden direct na de oorlogsjaren de opgelopen leerachterstand op verschillende manieren in te halen. In de gebieden onder Nederlands bestuur, zoals rond de grote steden Jakarta, Bandung, Semarang en Surabaya, volgden zij het onderwijs op de heropende Nederlandse middelbare scholen. In de gebieden onder het gezag van de Republiek Indonesia werden door Chinese academici en ouderejaars studenten opfriscursussen in vakken van de middelbare school gegeven, waarna de cursisten de lessen op de Nederlandse middelbare scholen konden volgen. In 1946 werden in Jogjakarta dergelijke cursussen bijvoorbeeld gegeven door de Chung Hua Pu Hsi Hsueh Pan.

Na het behalen van het Nederlandse middelbare school-diploma wilden deze abituriënten naar Nederland voor een universitaire- of andere studie. De passagierschepen zoals m.s. Oranje en m.s. Willem Ruys konden de grote vraag niet aan. Om daaraan tegemoet te komen besloot de Stoomvaart Maatschappij Nederland het vrachtschip m.s. Tawali zodanig om te bouwen, dat er in de laadruimten slaapgelegenheden voor passagiers konden worden ingericht. De studenten sliepen in hangmatten.

Met het m.s. Tawali vertrok ik op 15 juli 1949 met veel aankomende studenten uit Tandjong Priok, de haven van Batavia, naar Nederland. Er bevonden zich onder deze studenten veel Peranakan-Chinezen en een klein aantal Indonesische jongeren. De meesten waren in het bezit van het diploma middelbare school, zoals het diploma vijfjarige H.B.S. of het driejarige A.M.S.-diploma na het behalen van een MULO-diploma. Een enkeling was in het bezit van een diploma van een Engelse middelbare school in Singapore. Weer een ander had een diploma van de Chinese school (Kao Chung Pi Yeh). Eén passagier, Liauw Sian Tek, zat in 1942, vóór de Japanse bezetting, in de vijfde klas van de H.B.S. in Bandung. Op grond hiervan kreeg hij, zonder examen te hoeven doen, een zogenaamd nooddiploma van de vijfjarige H.B.S. Na in 1947 en 1948 rechten te hebben gestudeerd aan de Rechtshogeschool in Batavia reisde hij met het m.s. Tawali mee om in Leiden de studie Indisch Recht te vervolgen.

Na het vertrek uit Tandjong Priok deed het schip de haven Belawan Deli aan en de haven van Medan op Sumatra’s Oostkust. Daarna ging de reis verder naar de Rode Zee, het Suez kanaal, de Middellandse Zee en verder de Noordzee op richting Nederland. Op 17 augustus 1949 eindigde de reis op de Javakade in Amsterdam. Het studentenleven kon beginnen.

Tjia Tiong Hin, Februari 2014

Op de passagierslijst stonden de volgende namen:

2016-05-01 18_08_19-M