27 – Kleding van de Chinese gemeenschap in Nederlands-Indië – 6/10

Aan het einde van de 19de eeuw werden de eerste Chinezen gelijkgesteld. Dit betekende dat zij dezelfde rechten kregen als Europeanen en daarmee het voorrecht kregen om zich als Europeanen te kleden.

Mannen konden ervoor kiezen zich te kleden in een ‘jas tutup’, een jasje dat er enigszins als een uniform uitzag. Het jasje had een staande boord en het geheel gaf de drager een uitstraling van mannelijk zelfvertrouwen en koloniale superioriteit. Het was het standaardkostuum voor Nederlandse ambtsdragers, van zakenlieden, leraren, soldaten en politieagenten. Bij formele gelegenheden werd een Europese smoking met vest en strikdas gedragen.

Sommige vrouwen gingen ertoe over bij formele gelegenheden kleding van Europese snit dragen. Meestal was dat een tweedelig ensemble. De gewoonte bij Han-Chinezen om tweedelige kleding te dragen was iets van het Qing-bestuur, het dragen van eendelige kleding was een voorrecht dat voorbehouden was aan Mantsjoe’s. 

In 1910 werden ‘Vreemde Oosterlingen’ in Nederlands-Indië beschouwd als Nederlandse onderdanen. De Chinezen werden niet langer beperkt in de keuze van hun kleding. Velen gingen, ook door de toenemende verwestersing, kleding dragen in westerse stijl en traditionele kleding werd ‘gemoderniseerd’.

Christopher Mg

Maart 2021

2 – Schenking: Programmaboekje

Voorzijde Programmaboekje

Uitsnede van de voorzijde van het programmaboekje

Datum schenking : 15 april 2017

Schenker : Lie Kong Ing

Schenking

Programmaboekje over verschillende activiteiten ter ere van het 50-jarig lustrum van de Chung Hwa Hui Tsa Chih (中華會雜誌) in 1961. Het zijn de aankondigingen van sportwedstrijden in het Spinozalyceum in Amsterdam op 14 oktober, een auto-puzzelrit op 15 oktober, een receptie in de dierentuin van Den Haag op 20 oktober, gevolgd door een lezing van mevrouw Thung-MacDonald over de reis van Prof. Thung door China en een Lustrumbal in het Casino in Noordwijk aan Zee op 21 oktober.

Toelichting

De vereniging Chung Hwa Hui was in 1911 opgericht en bestond in 1961 50 jaar. Het Bestuur bestaat in 1961 uit Lie Kong Ing (voorzitter), Tan Hauw Gie (secretaris), Tjiong Hoey Lan (thesaurier), Teng Khoen Ho, S.S. Thee en Go Ing Hien. De lustrumcommissie bestaat uit Tjoa Hin Soey, Tan Hian Lee, Liem Sioe Liep, Kan Sioe Ling en Tan Bing Swan.

In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog waren de meeste Chinezen uit Nederlands-Indië die in Nederland waren studenten en zij waren vrijwel allemaal lid van de Chung Hwa Hui. Na de oorlog werd het ledental gestaag kleiner. Rond 1955 stopte de activiteiten van de vereniging. In 1961 was er weer een korte opleving van de activiteiten. Er werd getracht de onderlinge cohesie van het steeds groter aantal Chinezen dat uit Indonesië naar Nederland kwam te versterken. Deze onderlinge cohesie werd echter op andere manier gevonden en niet zo zeer via de Chung Hwa Hui. In 1962 stopten alle activiteiten definitief. 

In 2011 werd de Chinese Studentenvereniging Chung Hwa Hui opgeheven. Tot dat jaar was Lie Kong Ing bewindvoerder.

Belang van de schenking

De geschiedenis van de Chung Hwa Hui in Nederland is van belang omdat vele (voor)ouders van de huidige generaties in Nederland lid zijn geweest van de Chung Hwa Hui. 

Verdere informatie

Thung Tjeng Hiang (1897-1960) was werkzaam op het gebied van planten­ziekten en -ziekteverwekkers, met name virussen. Hij was de eerste hoogleraar in de virologie ter wereld en in 1949 in Wageningen benoemd. 

Een geschilderd portret van Thung Tjeng Hiang.

Bronnen 

Kees van Galen De geschiedenis van de Chung Hwa Hui (1989)

Lie Kong Ing, gesprek met Patricia Tjiook-Liem 11 oktober 2020

26 – Kleding van de Chinese gemeenschap in Nederlands-Indië – 5/10

‘baju peki hoa kun’ en ‘baju tui khim’ KITLV-29188

Het laatste decennium van de 19de eeuw in Nederlands-Indië was een periode van groeiend Chinees bewustzijn.

Deze verandering van het Chinese zelfbewustzijn en de verbondenheid met het voorouderlijke thuisland China was mogelijk het gevolg van de introductie van de Nederlandse Nationaliteitswet in 1892, toen niet-Europeanen in Nederlands-Indië niet langer beschouwd werden de Nederlandse nationaliteit te bezitten. 

Vrouwen begonnen een tweedelig kostuum in Chinese stijl te dragen, de ‘baju peki hoa kun’.  Het aangesloten bovenstuk (baju peki) en de geplooide rok (hoa kun) hadden versierde randen.

Was deze kleding voor feestelijke gelegenheden bestemd dan waren zij gemaakt van zijde. Voor de eenvoudige dagelijkse kleding werd katoen gebruikt, soms voorzien van eenvoudig borduursel en kant.

Vrouwen in een ‘baju peki hoa kun’ en een man in ‘baju tui khim’, Java ca. 1900. KITLV 29188.

Christopher Ng

Februari 2021

Dit artikel is onderdeel van een 10-delige series. Elke eerste dag van de maand zal er een nieuw artikel worden gepubliceerd, vanaf oktober 2020 tot juli 2021. De bibliografie van de volledige serie kan hier worden gevonden.

Nieuws 2020-01-15

Mongesch

Ontsluiting van het Archief Mondelinge Geschiedenis CIHC door de Universitaire Bibliotheken Leiden.

Onlangs bereikte ons het bericht dat het ‘Archief Mondelinge Geschiedenis CIHC‘ door de Universitaire Bibliotheken Leiden is ontsloten en digitaal toegankelijk gemaakt. 

Het archief bevat interviews met 39 personen, die tussen 2013 en 2017 door een team van interviewers van het CIHC zijn afgenomen in het kader van het project ‘Mongesch’

In oktober 2019 heeft het CIHC de collectie formeel overgedragen aan de Universitaire Bibliotheken Leiden

Het project Mongesch heeft als doel het vastleggen van levensverhalen van de Chinezen uit Indonesië in Nederland. Hiermee kan de kennis over de geschiedenis van deze bevolkingsgroep verder worden verbreed. CIHC is zeer verheugd over de ontsluiting van het Archief Mondelinge Geschiedenis. Al tijdens de uitvoering van het project hebben verschillende wetenschappelijke onderzoekers hun belangstelling voor het werk geuit. Nu is het dan zover dat ze de collectie ook kunnen raadplegen via de website van de bibliotheek.  

Wegens privacyregels is de collectie alleen op aanvraag toegankelijk voor onderzoekers.

Lees verder onder de rubriek: archief / mongesch

25 – Kleding van de Chinese gemeenschap in Nederlands-Indië – 4/10

25 - Tradities en Cultuur Java 1887

Portret van Oei Tiong Ham (1866-1924), Java 1887.  Zie volledige afbeelding onderaan

Tot het begin van de 20ste eeuw droegen Chinese mannen het haar in een Mantsjoe-staart of vlecht. Bij deze haarstijl werden de voorkant en de zijkanten van het hoofd geschoren,  het overige haar werd samengevat en in een lange vlecht gevlochten die langs de rug viel.

Ook Chinese mannen overzee waren gedwongen deze door het Qing-bestuur voorgeschreven haarstijl te volgen. Chinese mannen in Nederlands-Indië droegen een vlecht zoals te zien is op deze foto van de jonge Oei Tiong Ham. Wij zien hem hier als een zelfbewuste jongeman in een jasje in gemoderniseerde Chinese stijl met in westerse stijl gesneden broek, en met een wandelstok en hoed.

Met de ineenstorting van de Qing-dynastie kwam een einde aan het dragen van een vlecht. De stichting van de Republiek van China in 1912 luidde een periode in van een moderne Chinese identiteit.

Portret van Oei Tiong Ham (1866-1924), Java 1887. ‘Amek Gambar’ tentoonstelling 5 mei 2018 – 3 februari 2019, Peranakan Museum Singapore.
Portret van Oei Tiong Ham (1866-1924), Java 1887. ‘Amek Gambar’ tentoonstelling 5 mei 2018 – 3 februari 2019, Peranakan Museum Singapore.

Christopher Ng

Januari 2021

Dit artikel is onderdeel van een 10-delige series. Elke eerste dag van de maand zal er een nieuw artikel worden gepubliceerd, vanaf oktober 2020 tot juli 2021. De bibliografie van de volledige serie kan hier worden gevonden.

Nieuwsbrief nr. 9, december 2020

Vernieuwde website

Beste vrienden en donateurs van het CIHC,

Na een lange stilte zult u zich misschien afvragen of het CIHC nog wel bestaat. Ja, daarom sturen wij u dit bericht om u te laten weten dat we er nog steeds zijn en op de achtergrond activiteiten aan het ontwikkelen zijn. Corona heeft roet in het eten gegooid van onze voornemens. We hebben u niet persoonlijk kunnen ontmoeten. Zo is helaas de publieksdag die afgelopen juni gepland stond niet door kunnen gaan. Maar we zijn wel bezig geweest. Enige voorbeelden daarvan vermelden we hieronder.

Onze website (www.cihc.nl) is vernieuwd. Hij is nu overzichtelijker, toegankelijker en fraaier. Regelmatig worden er nieuwe afleveringen van Foto met Verhaal geplaatst. Ook vragen wij u om niet te schromen om zelf een interessant verhaal bij een foto te schrijven. U kunt het insturen naar info@cihc.nl

In de rubriek Tradities en Cultuur wordt maandelijks een aflevering van de tiendelige serie over de ontwikkeling van Kleding van de Chinese gemeenschap in Nederlands-Indië geplaatst. Auteur Christopher Ng, lid van het CIHC-team, toont met deze boeiende reeks zijn grote kennis van peranakan kleding en textiel.

Onder het kopje Archief – Verbinding van Culturen, bovenaan in de website balk vindt u interessante voorbeelden van Indonesische peranakan kunst en -gebruiksvoorwerpen. De vermenging van de Indonesische en de Chinese cultuur toont zich in vele fraaie objecten en is een materiële uiting van het cultureel erfgoed van de Chinezen in Indonesië. Hoewel de rubriek al langer bestaat, zou deze aan uw aandacht ontsnapt kunnen zijn.

Nieuw is wel de rubriek Schenkingen. Daarin wordt verteld over binnengekomen schenkingen. Het CIHC bemiddelt om archieven, verzamelingen en objecten, die van belang zijn als cultureel erfgoed van de Chinezen uit Indonesië in Nederland, een veilig onderkomen te bieden, dat toegankelijk is voor komende generaties.

Het boek Een Foto Vertelt was een groot succes, maar daardoor helaas uitverkocht. Dankzij meerdere donaties was het mogelijk het boek tegen een redelijke prijs te verkopen. Het CIHC zoekt nog naar mogelijkheden voor een herdruk. 

Het project Mondelinge Geschiedenis (afgekort als Mongesch) is afgerond en overgedragen aan de Universitaire Bibliotheken Leiden, alwaar ook de wereldberoemde Asian Library is gevestigd. Het omvat de mondelinge levensgeschiedenis van 39 Indonesische Chinezen in Nederland. De interviewers van het CIHC hebben een gigantisch werk geleverd en zij hebben een belangrijk, uitstervend stuk Chinees-Indische geschiedenis veiliggesteld voor toekomstige generaties. De geluidsopnames zijn met schriftelijke motivatie toegankelijk bij de UB-Leiden.

Aan een boek over de niet eerder uitgebreid beschreven geschiedenis van de Chinezen in Indonesië naar Nederland, wordt op het moment door leden van het CIHC team gewerkt. We verwachten de publicatie hiervan eind 2021 of 2022.

Over 2021 valt op dit moment niets met zekerheid te zeggen, dus ook niet of een lijfelijke publieksdag dan mogelijk is. We berichten u zodra we meer weten.

Lezing. Op 13 maart 2021 om 14.00 uur zal de zogenaamde Indië lezing voor de tiende keer georganiseerd worden door het Comité 4/5 mei Amsterdam Zuid-Oost. Het onderwerp zal de Chinezen in Indonesië betreffen. Onze voorzitter Patricia Tjiook-Liem zal een lezing geven over de geschiedenis van de Chinezen uit Indonesië in Nederland. Aan een aanvullend programma wordt nog gewerkt. Dit symposium vindt plaats in de Openbare Bibliotheek Amsterdam, Oosterdokskade 143. Tevoren aanmelden is noodzakelijk, de belangstelling is gewoonlijk groot. Wanneer de regels tegen die tijd fysieke aanwezigheid niet toestaan, zal de middag als webinar worden uitgezonden. Ook daarvoor is aanmelding vereist.

Om de bereikbaarheid en de zichtbaarheid van het CIHC te verbeteren hebben wij een professionele webmaster aangesteld, die de website heeft vernieuwd. U begrijpt dat dit kosten met zich meebrengt. Hoewel alle andere activiteiten om het cultureel erfgoed van de Chinezen uit Indonesië in Nederland te behouden, vrijwillig en om-niet worden verricht, zijn ook hier vaak kosten aan verbonden. Uw donatie wordt daarom zeer op prijs gesteld, want wij zijn ervan afhankelijk. 

Al onze donateurs, de vaste- en de gelegenheids-, bedanken wij zeer hartelijk voor hun bijdrage.

Rest ons u prettige feestdagen te wensen en een goed en gezond 2021.

Bankrekening nummer CIHC: NL12INGB 0006 2794 87

24 – Kleding van de Chinese gemeenschap in Nederlands-Indië – 3/10

Timor 1870. KITLV 30524

Timor 1870. KITLV 30524. Zie volledige afbeelding onderaan

In de 19de eeuw bleef de ceremoniële kleding voor huwelijken en traditionele gelegenheden karakteristiek Chinees. Dergelijke kleding werd ook door Chinese mannen in officiële functies gedragen bij formele gelegenheden.

Mannen droegen dan de officiële Mantsjoe-kleding van de Qing-regering: een lange robe met lange mouwen. In die kleding waren verschillende symbolen verwerkt die verwezen naar de rang en de positie van de drager. Het meest in het oog springende symbool was het ‘Mandarijnen vierkant’ op de borst.

Een andere manier om de sociale positie aan te geven was het gebruik van kleurige hoedenknopen en veren. Pauwenveren werden bijvoorbeeld gewoonlijk gedragen door hoge ambtenaren.

Vrouwen droegen een jasje met wijde mouwen en een rok met plooien. Het jasje had aan de bovenkant vaak een ‘wolkenkraag’, een kleine cape met overlappende delen die over de schouders werd gedragen. Deze vrolijk gekleurde zijden gewaden hadden borduursels van uitgewerkte motieven, met zijden en gouden draden aangebracht.

Traditionele kleding van een vrouw, met een eenvoudige ‘wolkenkraag’ en die van een man zonder een ‘Mandarijnen vierkant’.  Timor 1870. KITLV 30524.
Traditionele kleding van een vrouw, met een eenvoudige ‘wolkenkraag’ en die van een man zonder een ‘Mandarijnen vierkant’.  Timor 1870. KITLV 30524.

Christopher Ng

December 2020

Dit artikel is onderdeel van een 10-delige series. Elke eerste dag van de maand zal er een nieuw artikel worden gepubliceerd, vanaf oktober 2020 tot juli 2021. De bibliografie van de volledige serie kan hier worden gevonden.

61 – Restaurant Hok-Kie en de studentenpot

Voorkant Restaurant Hok-kie

Het onverwachte terug vinden in het stadsarchief van de Gemeente Amsterdam van deze foto van ons restaurant ‘Hok-Kie’ aan het Singel 498, bracht mij in één klap terug in de vijftiger-zestiger jaren van de 20ste eeuw. De foto toont ‘Chinees Indisch Café Restaurant Hok-Kie’ ingeklemd tussen twee grachtenpanden in Amsterdam.

Chinees Indisch Café Restaurant Hok-Kie’ ingeklemd tussen twee grachtenpanden in Amsterdam.

 In mijn studentenjaren speelde het restaurant een grote rol in het leven van onze familie. In 1956 besloten mijn ouders als laatste van ons gezin met hun twee jongste kinderen naar Nederland te vertrekken om zich hier permanent te vestigen. Met zes studerende kinderen en één nog op school was het voor mijn ouders een hele opgave om in het levensonderhoud van de familie en in de studiekosten te voorzien. Het betalingsverkeer tussen Nederland en Indonesië was vanwege de politieke situatie gestremd en het was niet mogelijk voldoende middelen naar Nederland over te maken. Mijn vader stelde voor een eethuisje te beginnen om het gezin financieel op de been te houden. De hele familie zou wel moeten meewerken om de zaak te runnen.

In Amsterdam stond het pand Singel 498 bij de bloemenmarkt te huur. De locatie bleek uitstekend geschikt te zijn voor een Horeca-bedrijf, maar wij hadden een probleem. Er was niet voldoende werkkapitaal. Gelukkig konden wij een lening krijgen van de ‘Oranjeboom’ bierbrouwerij en daarmee werd een eethuisje opgezet. Het kreeg de naam ‘Hok-Kie’ hetgeen ‘geluk’ betekent. 

In de jaren vijftig waren Chinese restaurants voornamelijk in handen van Chinezen uit het vasteland van China. Ze  hadden min of meer hetzelfde menu, aangepast aan de Hollandse smaak. Het ‘ Hok-Kie’ menu daarentegen bestond  uit gerechten uit de Chinees-Indonesische keuken. Mijn moeder kon heel goed koken, zij was de spil en werd daarbij geholpen door vriendinnen en bekenden à f.2,50 per uur. De hele familie werkte mee, mijn zusje Evie zorgde bijvoorbeeld voor de voorraad en de dagelijkse boodschappen en sprong zo nodig bij in de keuken.  Wij hadden geen professionele kelners in dienst, wij werkten zelf in de bediening. Voor ons studenten kon de combinatie van studeren en werken in het restaurant zwaar zijn. Wij wisselden het studeren in de nabijgelegen UB af met ‘kelneren’ of gingen na een dag colleges en ‘lab’ direct in Hok-Kie aan de slag.  Vaak werkten ook studiegenoten in het restaurant om als kelner een zakcentje bij te verdienen. Menig student uit die tijd zal zich stellig hun tijd als kelner bij Hok-Kie herinneren.

In het begin werd Hok-Kie voornamelijk bezocht door personen uit de Chinese gemeenschap uit Indonesië die ‘nostalgisch’ kwamen eten. Na enige tijd kwamen er meer Nederlandse klanten. Ook Chinese studenten uit Indonesië kwamen weleens eten. Voor velen van hen viel echter het normale menu als dagelijkse maaltijd vanwege de normale prijzen buiten hun budget. Om hieraan tegemoet te komen brachten wij tussen zes en acht uur ’s avonds een studentenmaaltijd, de ‘studentenpot’ tegen een studentenprijs (f. 1,25). De studentenpot van Hok-Kie –  één portie vlees met naar believen rijst en groenten met de smaak van thuis  – werd al spoedig een begrip.  De aparte ruimte, speciaal bestemd voor de ‘studentenpot’ werd daardoor ook een sociale ontmoetingsplaats voor studenten.

Hok-kie binnnen
Van links naar rechts: 1ste rij zittend: Joop Go (mijn Broer) ; Yoe Lan Ying; Evie Go (mijn zus); Liep Oei
1ste rij staand: Lie Kiem Pwee ; Louis Go (mijn broer); Tan Hian Lee; Oei Bing Hiang; Patricia Liem; Mei Fie
Laatste rij staand: ? ; Oei Hway Liem; Tjiong Tjoei Siang ; Bob Oei

Omstreeks 1962 waren de meesten van ons  – met de hulp van Hok-Kie  – afgestudeerd of zelfstandig. Wij konden in ons eigen levensonderhoud voorzien. Mijn vader heeft dat niet mee kunnen maken, hij overleed in 1958. Mijn broer Frans heeft nog enkele jaren samen met mijn moeder Hok-Kie voortgezet tot het te zwaar werd. In 1965 is Hok-Kie opgeheven. Frans ging verder met de productie van Indonesische snacks, waar hij al een tijdje mee bezig was en waarbij mijn moeder hem hielp met de receptuur. Zij legden de basis voor het huidige bedrijf GO-TAN

Hans Go.

23 – Kleding van de Chinese gemeenschap in Nederlands-Indië – 2/10

‘Baju tui khim’ met een kraag in westerse stijl en een ‘celana komprang’. Java 1870. KITLV 100948

Java, 1870 KITLV 100948 Zie volledige afbeelding onderaan

Rond het midden van de 19de eeuw droegen Chinese mannen kraagloze hemden in Chinese stijl (baju tui khim) met wijde broeken (celana komprang). Het jasje dat soms daarover ‘open’ werd gedragen had stoffen Chinese knopen (frog buttons[1]). Zij die zich meer konden veroorloven vervingen deze stoffen knopen vaak door knopen van edelmetalen.

Chinezen die door het koloniale bestuur officieel waren benoemd droegen jasjes met kragen. Europese elementen zoals ronde boordjes of ingesneden revers werden vaak gebruikt om te verwijzen naar rang en status.

Ook het dragen van Europese accessoires zoals zakhorloges, kreeg naarmate de 19de eeuw ten einde liep steeds meer ingang. De drang om meer Europese elementen toe te voegen aan de kleding weerspiegelde ook andere motieven: men wilde graag deel uitmaken van een wereld van moderne ideeën, ook kon het gewoon een uiting zijn van de persoonlijke smaak van de drager.


‘Baju tui khim’ met een kraag in westerse stijl en een ‘celana komprang’. Java 1870. KITLV 100948

November 2020

Christopher Ng

Dit artikel is onderdeel van een 10-delige series. Elke eerste dag van de maand zal er een nieuw artikel worden gepubliceerd, vanaf oktober 2020 tot juli 2021. De bibliografie van de volledige serie kan hier worden gevonden.

[1] Frog buttons: Chinese knopen van stof, die getweeën  met lussen een sluiting vormen

22 – Kleding van de Chinese gemeenschap in Nederlands-Indië – 1/10

22 Tradities en Cultuut Baju panjang’ met gingham (gestreepte of geruite katoen) sarong (links) en ‘baju kurong’ met batik sarong (rechts). Batavia, 1867. KITLV 87452

Batavia, 1867. KITLV 87452 Zie volledige afbeelding onderaan

In 1854 was de bevolking van Nederlands-Indië wettelijk verdeeld in Europeanen en niet-Europeanen (Inlanders). Wettelijke regelingen betreffende hun kleding werden ingesteld. Westerse kleding mocht – tot begin 20ste eeuw – alleen door Europeanen worden gedragen. De lokale bevolking moest zich kleden volgens hun etnische afkomst en cultuur.

In de 19de eeuw droegen Chinese vrouwen de ‘baju kurung’, een knielange tuniek met lange mouwen en een ronde halslijn. Daaronder werd een katoenen batik sarong gedragen of een gingham (gestreepte of geruite katoen) sarong. Een andere versie was de ‘baju panjang’. Deze had een V-hals en een opening aan de voorzijde die gesloten werd met blouse-spelden in plaats van met knopen.

Beide kledingvormen waren ‘geleend’ van de lokale cultuur. De kleding werd op de traditionele manier gemaakt; zowel de voor- als de achterzijde was gemaakt van één lap stof. Sommige onderzoekers menen dat zowel de ‘baju kurung’ als de ‘baju panjang’ afgeleid waren van de Indiase ‘kurta’ en de Arabische ‘habaya’.

‘Baju panjang’ met gingham (gestreepte of geruite katoen) sarong (links) en ‘baju kurong’ met batik sarong (rechts).
Batavia, 1867. KITLV 87452

Christopher Ng

Oktober 2020

Dit artikel is onderdeel van een 10-delige series. Elke eerste dag van de maand zal er een nieuw artikel worden gepubliceerd, vanaf oktober 2020 tot juli 2021. De bibliografie van de volledige serie kan hier worden gevonden.